Het is een feit dat er mensen zijn die hun vertrouwen in de overheid zijn kwijtgeraakt, of dat vertrouwen nooit hebben meegekregen van huis.
Zelf behoor ik tot die eerste groep. Van huis uit kreeg ik mee dat de overheid niet onfeilbaar was, niet overal een antwoord op had, en onvoldoende armslag had om voor iedereen te zorgen, maar dat de overheid er was voor de burger, en namens de burger. Het probleem, in mijn geval, was dat ik tevens van huis uit een groot ‘rechtvaardigheidsgevoel’ meekreeg, dat dicteerde dat onrecht bestreden diende te worden, terwijl de overheid er, stapje voor stapje, in begon te grossieren.
De belangrijkste reden was dat de overheid steeds meer hooi op haar vork nam, en de zorg voor iedereen naar zich toe begon te trekken, iets wat die overheid helemaal niet aankan. Enerzijds het gevolg van de roep van burgers die niet voor zichzelf kunnen zorgen, of die graag een ‘Big Brother’ aan hun zijde zien als ze een conflict hebben met de buren, en anderzijds omdat er ‘goed geld’ te verdienen is aan het afpakken van geld van burgers met de meest uiteenlopende smoezen. Zolang die burgers zelf tenminste nog wél productief zijn.
In dit essay is de ‘voorbeeldburger’ niet hetzelfde als een ‘voorbeeldige burger’, waar ik zelf stellig meen dat een ‘voorbeeldige burger’ er naar behoort te streven dat hij of zij geen kwaad doet. ‘First, do no harm’, ontleend aan de Eed van Hippocrates. En ik ben geen medicus, maar dat principe onderschrijf ik van harte. Probleem is echter evident dat je weliswaar niet de intentie kan hebben kwaad te doen, maar dat iets wat je doet desondanks etterende wonden kan maken. Of dat je de één helpt naar vermogen, maar daarmee een ander schade berokkent, waarbij de vraag op komt borrelen wat nou het zwaarst dient te wegen? Moet je levens redden van mensen die dood meer waard zijn voor de overheid?
Voor ik verder ga even een belangrijke kanttekening, waar menigeen die kritisch is op de overheid meent dat bestuurders de burgers tekort doen ten bate van bedrijven en ‘mensen met veel geld’. Voor het juiste beeld moet u beseffen dat de overheid uw concurrent is in de jacht op geld afkomstig van nuttig werk, en niet uw bondgenoot. De overheid plundert bedrijven en ‘mensen met veel geld’ aan de lopende band, omdat dat haar ‘verdienmodel’ is, al zullen ze het zelf nooit zo zeggen. Of slechts bij hoge uitzondering. En dan als regel via voorbeeldburgers, zoals die in de rechtspraak. Ik heb hier al wel het relaas met mijn lezers gedeeld van een boete die ik kreeg op basis van het gegeven dat agenten een auto met een kenteken dat op mijn naam stond hadden betrapt op het overtreden van de wegenverkeerswet. Die auto stond in de garage, en ik verbleef aantoonbaar in het buitenland, samen met mijn enige huisgenoot, mijn minderjarige zoon. Maar de rechter oordeelde dat het simpele gegeven dat ik bekende twee auto’s te bezitten voldoende was voor een veroordeling. Wáááát!?! En niet protesteren, anders veroordeel ik u daar bovenop wegens ‘minachting van de rechtbank’. Okay, edelachtbare, zak in de stront. Mijn vertrouwen in de overheid en de rechtspraak is in rook opgegaan, bij deze.
Allerminst het enige ‘akkefietje’, maar de realist in mij won het van de purist, in die zin dat ik niet wilde eindigen als een Don Quichot, omdat ik besefte dat ik dat wellicht zou kúnnen winnen in individuele gevallen, maar dat ik dan veel kostbare tijd waarin ik productief kon zijn, of plezier zou kunnen hebben, kwijt zou zijn. Los nog van het geld dat ik kwijt zou zijn aan advocaten en dergelijke. En, nóg lastiger, dat ik in dat geval hoogst waarschijnlijk de overheid zelf nog meer ‘werk’ zou geven, en mogelijk zelfs een beroep zou moeten doen op actiegroepen en partijen afgevuld met door de overheid verstrekte subsidie. Van de regen in de drup.
Zoals onlangs nog benadrukt realiseer ik mij terdege dat er juristen zijn die vechten ‘als leeuwen’ voor hun klant, tégen de overheid, en gemakzuchtige rechters, en die ‘gestoord worden’ van lakse wetgevers met hun debiele wetten. En er zijn mensen die deel uitmaken van het overheidsapparaat die zich groen en geel ergeren aan de ‘stroop’ en de mentale of materiële corruptie in hun eigen werkomgeving, en disfunctionerende wetgevers die hun eigen functioneren als ambtenaar tot een Hel maken. Dergelijke mensen, met het hart op de juiste plek, wars van onrecht, en wellicht om die reden zelfs politie-agent geworden, of belastinginspecteur, of kamerlid, bijten de tanden stuk op dat logge, jattende en liegende apparaat dat zich tegoed doet aan het geld dat anderen verdienen, en dat met opzet wetten het levenslicht doet zien die onuitvoerbaar zijn zonder dat mensen onterecht in mootjes worden gehakt en worden uitgekleed, totdat ze zijn aangewezen op een aalmoes van de overheid.
Dat systeem zou geen lang leven beschoren zijn zonder ‘voorbeeldburgers’. Dat zijn propagandisten die hun brood verdienen door onrecht te verdedigen, en misstanden af te dekken op grond van het feit dat ‘de rechter heeft gesproken’, of dat ‘de regering heeft besloten’. Het zijn de ‘civiele mariniers’. Je vindt ze op sleutelposten in de samenleving, veelal als ‘verslaggever’ of ‘expert’. Ze praten recht wat krom is, en juichen de veroordeling toe van mensen die twijfels hebben.
Nou sluit ik beslist niet mijn ogen voor het gegeven dat sommige mensen ‘zo gek zijn als een deur’, overal beren op de weg zien, en in elke schaduw herkennen ze een moordenaar die het op hen heeft voorzien. Het is absoluut onsmakelijk als mensen zonder spoor van bewijs beschuldigingen de wereld in slingeren die iemand fors kunnen beschadigen. Ik heb daar hier op mijn blog al meer dan eens over geschreven, in het bijzonder waar het ging over het fenomeen van een ‘False Memory Syndrome’. Een product van overijverige therapeuten die meenden dat bepaalde symptomen bij hun patiënten er op wezen dat zij misbruikt waren, maar de herinnering daaraan onderdrukten. Onder hypnose ‘herbeleefden’ die patiënten vervolgens dat misbruik, gingen er in geloven dat het een échte herinnering was, en er werden mensen op grond daarvan veroordeeld. Totdat onomstotelijk kwam vast te staan dat die methode ondeugdelijk was om ‘onderdrukte herinneringen’ terug te halen naar het bewustzijn, omdat het leidde tot het ‘implanteren’ van herinneringen die vals waren. Pure fictie.
Er zijn beslist gemakkelijk te beïnvloeden mensen die langs meerdere wegen te verleiden zijn tot de creatie van valse herinneringen, wat mij ertoe bracht dat zonder bewijs er nooit iemand veroordeeld mag worden, en daarom ben ik tegen ‘MeToo’ voorzover het leidt tot veroordelingen op niet meer dan verklaringen van slachtoffers. En ga ik niet mee in aanklachten van mensen die menen dat er in ‘Bodegraven’ verschrikkelijke dingen hebben plaatsgevonden, op grond van niet veel meer dan hun collectieve verdenking. Maar waar het de operatie van iemand als Jeffrey Epstein betreft, of de gruwelijke NXIVM-cult in de Verenigde Staten, acht ik bewezen dat lieden die dicht tegen de macht aanschurken daar (uiteindelijk) terecht te drogen zijn gehangen, ondanks de (aanvankelijke) tegenwerking van de overheid die tot op het niveau van het openbaar ministerie en de rechtspraak medeschuldig was. Steeds is de vraag of de overheid er nou goed aan doet om, samen met de rechter, beschuldigingen tegen organisaties of privé-personen te onderdrukken, met het risico dat men daardoor ‘klokkenluiders’ en slachtoffers monddood maakt. Als uiteindelijk blijkt dat de klachten wel degelijk gegrond waren, zijn de rapen gaar. Ook voor de ‘voorbeeldburgers’, de ‘verslaggevers’ en ‘experts’, de ‘civiele mariniers’ die hen op de nek zijn gesprongen, al ontspringen die doorgaans de dans van de afrekening. Denk nog even terug aan de ‘Weapons of Mass Destruction’, van A tot Z gelogen, maar niemand die daarvoor werd aangeklaagd, en de ‘voorbeeldburgers’ die de leugens verkochten als was het een feit zitten ook nu nog in de ’Talkshows’ lariekoek uit te kramen.
Aandringen op tastbaar bewijs is onze dure plicht, zeker in een wereld waarin steeds meer zaken door rechters worden beoordeeld op grond van niks dan verdachtmakingen, aangekleed door ‘experts’, zoals in het geval van de MH-17, om langs die weg te bereiken dat de aandacht wordt afgeleid van de vraag waarom het ministerie van Timmermans niet ingreep toen bekend werd dat vliegtuigen op grotere hoogte uit de lucht werden geschoten boven dat deel van Oekraïne. Of hoe dat nou zit met vaccins die zouden immuniseren, waardoor je veilig kon dansen met Jansen, maar dat helemaal niet deden? Of wat er waar is van de stellige bewering van zekere échte experts dat veel van de ziektebeelden die we zagen, en zien, niet het resultaat was van een virus, maar van de ‘verpakking’, het eiwit dat juist via de vaccins-die-niet-vaccineerden werden geïntroduceerd in het lichaam? Een overheid die er is voor de burgers, en namens de burgers, kiest de kant van die burgers, en gaat op onderzoek uit. Die overheid komt vervolgens bij de burger terug met onweerlegbaar bewijs, op grond waarvan vervolging plaatsvindt van bedrijven en organisaties die steken lieten vallen, ongeacht of die bedrijven en organisaties comfortabele posities en nieuwe contracten in de aanbieding hebben waar overheidsdienaren beter van worden.
De ‘voorbeeldburgers’ verwijzen naar vonnissen als bewijs van schuld, ook al is de schuldvraag zelfs nooit aan de orde gesteld, omdat de wetgever daar geen waarde aan hecht. Zoals bij de ‘kentekenovertreding’ waarvan ik hiervoor een voorbeeld gaf. Eenmaal op dat hellende vlak wordt de hellingshoek steeds steiler, omdat de overheid op die manier gemakkelijk aan haar geld komt, én omdat het langs die weg mogelijk wordt om lastige burgers monddood te maken. Mijn realistische ‘ik’ beseft dat, en handelt ernaar. Mijn puristische ‘ik’ komt ertegen in opstand. Dat levert een spanningsveld op dat op onvoorspelbare wijze kan leiden tot revolutionaire omwentelingen, wat per saldo niet in het belang van de burger is. De afwezigheid van bewijs betekent niet dat iemand onschuldig is, maar het zou wel moeten betekenen dat betrokkene niet eens voor de rechter gebracht kan worden, en als dat toch gebeurt, moet worden vrijgesproken. Dat hele principe hebben we overboord gekieperd, en het leidt nu in toenemende mate tot censuur, met een beroep op de plicht van de overheid om (geselecteerde) burgers te beschermen tegen ‘reputatieschade’.
Vervolgens komen de ‘civiele mariniers’ in actie om eenieder die misbaar maakt ‘bij associatie’ in diskrediet te brengen, omdat ze het opnemen voor een ‘veroordeelde’, of zelfs een ‘verdachte’ die niet voor niets in ‘Vugt’ in voorarrest zit. Of iets in die geest. Die ‘Befehl ist Befehl’-houding zie je overal terug op de ‘sociale media’, en in vlogs, blogs, en de ‘mainstream media’, waar ouderwetse onderzoeksjournalistiek een stille dood gestorven is vanwege de risico’s op strafvervolging indien een journalist wijst op zaken die meuren als een beerput, inmiddels aangevuld met openlijke censuur die zonder schroom zegt te willen bewerkstelligen dat burgers ophouden met vragen te stellen omdat ze het zaakje niet vertrouwen. ‘Full Orwell’.
Op dit blog probeer ik een voorbeeldige burger te zijn, die zijn best doet om geen schade toe te brengen. Ik claim niet dat ik daar in alle gevallen in slaag, al helemaal niet waar we ‘nevenschade’ erbij betrekken, of waar ik iemand op basis van wat we weten portretteer als een ‘spin in het web’, terwijl hij of zij feitelijk een ‘grabbelaar’ is die zich weliswaar gewetenloos verrijkt, of gemakzuchtig meehuilt met de wolven in het bos, maar als alles gezegd en gedaan is geen sleutelrol blijkt te hebben in activiteiten die ons, burgers, schade berokkenen. Binnen een overheid met een bescheiden mandaat, en een rechtbank die zich bewust is van de schade die ontstaat door schuld toe te wijzen aan onschuldige mensen op grond van rammelende wetgeving, zou ik wel kunnen functioneren. Maar die tijd ligt vér achter ons. Of ergens in de toekomst.